Met het hart op de tong zoals politiek Den Haag dat van hem gewend is, en af en toe toch ook de woorden wegend in zijn nieuwe rol van bestuurder: Richard de Mos heeft zijn eerste termijn als leider van de nieuwe stadscoalitie gisteravond glansrijk doorstaan. Op het stadhuis werd in de gemeenteraad het akkoord ‘Den Haag, stad van kansen en ambities’ van Groep de Mos, VVD, D66 en GroenLinks besproken en eigenlijk zat het venijn meteen in de kop, en niet in de staart, toen PVV-raadslid Willie Dille van meet af aan een avond van interrupties inluidde.

Dille verweet de leider van de coalitie kiezersbedrog: zijn stoere taal van voor de verkiezingen zou nu zijn verbleekt tot watjes-gedrag inclusief het knuffelen van migranten. “We kennen de PVV van ‘minder, minder’ – en nu komt er zelfs een Marokkaan in het college (fractiegenoot Rachid Guernaoui, red.). U heeft helemaal niets voor elkaar gekregen en alleen maar een interne strijd gevoerd. Met twee zetels zal dat nu overigens een stuk eenvoudiger worden, dus ik wens u daar veel succes bij,” pareerde Richard de Mos, die Willie Dille verweet een ‘knorrepot’ te zijn geworden.

De Mos, die vanavond officieel tot wethouder zal worden benoemd, zei alle partijen in de raad de komende vier jaar met een ‘open houding’ tegemoet te zullen treden. “Ik wil een dienaar van de stad zijn.” Toch was er na bijna zeven uur debatteren een schorsing, en onderling overleg tussen de coalitiepartijen, voor nodig om De Mos te bewegen een handreiking aan de oppositie te doen; die had in deels kritische, deels constructieve beschouwingen van het coalitieakkoord nog heel veel technische en inhoudelijke vragen gesteld. Pas na lang aandringen en de schorsing zegden Groep de Mos, VVD, D66 en GroenLinks bij monde van De Mos toe die allemaal te zullen beantwoorden.

Het coalitieakkoord ‘Den Haag, stad van kansen en ambities’ moet, in de woorden van De Mos, vooral worden gelezen als een verzameling piketpaaltjes. “Die gaan we verder uitwerken in raadsvoorstellen en dan zal er alle gelegenheid zijn het over de details te hebben.”

Oppositie

Daniëlle Koster, fractievoorzitter van het CDA (coalitiepartij in de vorige collegeperiode), was van de oppositie het hardst in haar oordeel over het akkoord. “Het zijn allemaal losse plannetjes zonder onderlinge samenhang en uitblinkend in vaagheden waarbij duidelijke keuzes niet worden gemaakt. Dit is geen akkoord van zand en veen, maar van olie en water; je kunt schudden wat je wilt, maar mengen zal het niet,” aldus Koster, die ook vraagtekens zette bij de financiering van alle plannen. “De coalitiepartijen geven elkaar dure cadeaus en financieren dat met de verkoop van Eneco, waarvan nog allerminst zeker is dat die doorgaat, laat staan bekend wat die opbrengt. Met name van de VVD had ik een dergelijk staaltje creatief boekhouden niet verwacht.”

En Martijn Balster (PvdA): “Deze coalitie houdt het vangnet deels op orde, maar jaagt er meteen ook velen in. Er zit geen hart in dit akkoord, er ontbreekt met name hart voor de diversiteit van de stad. Dit is geen akkoord van verbinding, maar van grootverdieners, projectontwikkelaars en expats. Ik zie een kaalslag die de stad uit elkaar drijft.”

Ex-wethouder Joris Wijsmuller (Haagse Stadspartij) sprak in zijn ‘maidenspeech’ van neo-liberale grondpolitiek en dure autoplannen. Complimenten had hij echter ook. “Groep de Mos steekt zijn nek uit en zet een moedige stap door bestuursverantwoordelijkheid te nemen. Eerlijk gezegd had ik niet verwacht dat deze vier partijen er samen uit zouden zijn gekomen. Tegelijk lees ik een akkoord dat bol staat van de tegenstellingen. Wat hen nou werkelijk verbindt, is mij dan ook nog niet duidelijk.”

(Richard de Mos in debat met Willie Dille)

Print Friendly, PDF & Email