De ooievaar zit niet alleen in het stadswapen van Den Haag, maar wordt ook massaal waargenomen op diverse plekken in de stad. Met name de wijk Marlot is een populair overwinteringsoord voor ooievaars geworden.

Dat blijkt uit de jaarlijkse telling van overwinterende ooievaars. Dit weekeinde zijn er 583 exemplaren geteld, waarvan enkele tientallen in Den Haag en directe omgeving. Dat zijn er meer dan vorig jaar toen de teller op zondagavond op 447 stond. Dat meldt Stichting Ooievaars, Research & Knowhow (Stork) vandaag op grond van voorlopige cijfers. De stichting verwacht dat het totale aantal nog tien procent hoger uitkomt.

Wat dit jaar opvalt is dat veel ooievaars weinig in groepen worden gezien. De waarnemers telden er meestal een of twee. Volgens de woordvoerster komt dit vermoedelijk doordat er genoeg voedsel is te vinden door het zachte weer. De meeste vogels (130) werden zoals elk jaar geteld in natuurgebied Reestdal in Overijssel. Ook vuilstortplaatsen zijn populair, daar telden waarnemers in totaal zestig exemplaren.

Meestal overwinteren ooievaars in Afrika, maar een groot aantal blijft in Nederland. Stork vroeg Nederlanders dit weekeinde het aantal waargenomen vogels door te geven, met de vindplaats, datum en eventueel ringgegevens. De organisatie evalueert deze gegevens en hoopt daar conclusies aan te kunnen verbinden. De telling is jaarlijks in januari.

Print Friendly, PDF & Email