Laura H. moet wel een enkelband blijven dragen

Laura H. moet wel een enkelband blijven dragen

Laura H. (22) is door de rechtbank in Rotterdam veroordeeld tot twee jaar celstraf, waarvan dertien maanden voorwaardelijk. Omdat de Haagse jihadverdachte al een jaar in voorarrest heeft gezeten, hoeft zij niet meer terug de cel in. Wel moet H. nog een elektronische enkelband dragen en aan enkele voorwaarden voldoen zolang de reclassering dat nodig vindt. De proeftijd daarvoor is drie jaar.

De rechtbank in Rotterdam vindt bewezen dat H. de bedoeling heeft gehad terroristische misdrijven voor te bereiden en te bevorderen. De rechtbank acht echter niet bewezen dat ze lid was van de radicaalislamitische terreurgroep IS in Syrië en Irak. Van dat verwijt is ze vrijgesproken. Wel is sprake van burgerschap van IS, stelde de rechtbank vandaag.

Het Openbaar Ministerie (OM) vond wél dat H. had deelgenomen aan IS, ook al was haar bijdrage op de achtergrond. Het OM had bijna drie jaar cel geëist. Omdat daarvan twee jaar voorwaardelijk was, zou ze overigens ook niet meer terug naar de gevangenis hoeven.

H. vertrok medio 2015 vanuit Leidschendam naar IS-gebied met haar man Ibrahim en twee zeer jonge kinderen. Net als het OM schuift ook de rechtbank de beweringen van H. terzijde dat ze niet precies wist wat IS was en dat ze daar naartoe zouden gaan.

Uit verklaringen, zowel van haarzelf als van getuigen, blijkt volgens de rechtbank dat H. wel wist wat IS deed en ook dat haar man Ibrahim daar strijder werd. “H. is willens en wetens naar het strijdgebied gegaan,” aldus de rechtbank. Ze was ook actief betrokken bij de uitreis via Turkije naar het kalifaat. Eenmaal daar had ze haar vader gemeld dat hun vertrek een bewuste keuze was en dat alles goed ging, stelde de rechtbank.

Na een jaar ontvluchtte H. het kalifaat, samen met haar kinderen. Naar eigen zeggen, omdat toen doordrong dat IS slecht was. Ibrahim bleef achter. Zijn lot is onbekend.

In Nederland werd ze meteen vastgezet, omdat het OM vermoedde dat ze was teruggekeerd om hier een aanslag te plegen. Na een jaar zag het OM daar geen aanwijzingen meer voor. De rechtbank vindt de kans dat H. opnieuw de fout in gaat wel degelijk aanwezig en heeft daarom voorwaarden opgelegd. Als ze daar niet aan voldoet, moet ze de rest van de straf uitzitten.

Print Friendly, PDF & Email

Share This