Den Haag wil verder groeien als stad van de popmuziek. De komende jaren moeten er nieuwe poppodia en evenementen komen, net als een platform voor ‘Urban Arts’ en meer ruimte voor talentontwikkeling. De binnenstad moet nog aantrekkelijker worden met bijvoorbeeld festivals en de vestiging van creatievelingen en muziekbedrijfjes.

Dat staat in ‘Ruimte voor Pop’, de vandaag door wethouder Joris Wijsmuller (cultuur) gepresenteerde update van de Haagse Popnota uit 2007. De popsector is al decennia lang een belangrijk onderdeel van de identiteit van Den Haag, benadrukt hij, en dat moet versterkt worden. De focus ligt niet alleen op beat- en rockmuziek, ook andere muziekgenres krijgen weer meer aandacht.

Tot 2021 wordt er jaarlijks ruim 3,5 miljoen euro voor de popsector uitgetrokken. Daarbovenop komt 280.000 euro voor vier jaar, onder meer om nieuwe initiatieven te onderzoeken en te stimuleren. Zo wil Den Haag het popmuseum RockArt vanuit Hoek van Holland binnenhalen.

Het industriegebied Binckhorst wordt herontwikkeld en krijgt nog meer plaats voor culturele activiteiten en muziekevenementen. De plek rond de Pollux Studio’s en ook andere locaties in de stad ontwikkelen zich tot broedplaatsen voor muziek. De gemeente zal stimuleren om leegstaande panden hiervoor te gebruiken. Bovendien is een nieuw poppodium in aanbouw: het Onderwijs- en Cultuurcentrum (OCC).

De stad plukt ook financieel de vruchten van de popbranche. Vorig jaar trokken popmuziekactiviteiten ruim 3,6 miljoen bezoekers, van wie 1,4 miljoen mensen van buiten Den Haag komen. In totaal leverde dat bestedingen op van ruim 51 miljoen euro. De economische impact is geschat op 27 miljoen euro, met zo’n 300 Haagse bedrijven actief in de popsector. Met de nieuwe concertzaal in het Onderwijs- en Cultuurcentrum met ruimte voor 2500 bezoekers wordt Den Haag als popstad nog bekender. Samen met het Paard wordt de programmering voor deze toekomstige concertzaal gemaakt.

Met de indorock in de jaren vijftig, de nederbeat in de jaren zestig, legendarische concerten in het Kurhaus en internationale doorbraken van bands als de Golden Earring, Q65 en Shocking Blue heeft Den Haag een naam hoog te houden. “Het uitverkochte festival Live at the Beach begin september bewijst dat popmuziek in Den Haag vandaag de dag nog steeds alive and kicking is. Een bomvol strand genoot van Anouk, Splendid, Diggy Dex en Doe Maar. Voor het maken, spelen, beleven en genieten van popmuziek moet je in Den Haag zijn. De stad is al decennialang de bakermat van popmuzikanten en bands met landelijke en internationale faam. Een waslijst aan bekende bands en muzikanten heeft zijn wortels in Den Haag: naast Golden Earring, Q65 en Shocking Blue ook Kane, Anouk en Di-rect, Gruppo Sportivo, The Deaf, The Hazzah, Soul Sister Dance Revolution en Hallo Venray. En Den Haag is meer dan alleen een beat- en rockstad. Rap, reggae, hiphop, underground, Electronic Dance Music en andere muziekgenres komen hier ook tot bloei. Denk aan De Kraaien, SFB, Mula B, Kern Koppen, F1rstman, Splendid, Legowelt, Dash Berlin, De Règâhs, Playground Zer0, Son Mieux en Aapnootmies. Allen van Haagse bodem,” zo staat te lezen in de Haagse popnota.

Live at the Beach in Scheveningen is ook al ongekend populair. (foto: gemeente Den Haag)

 

 

 

Print Friendly, PDF & Email