De opvattingen van Nederlanders over homo’s en biseksuelen zijn steeds positiever, concludeert het Sociaal en Cultureel Planbureau op basis van onderzoek. In 2006 was iets meer dan de helft van (53 procent) van de Nederlanders positief over homo- en biseksualiteit, nu is dat gestegen tot bijna driekwart (74 procent). Zo’n 6 procent denkt negatief over deze groep mensen, dat was eerder 15 procent. “De houding is in alle bevolkingsgroepen positiever, ook in groepen waar men van oudsher negatief over homo- en biseksualiteit denkt, zoals oudere of religieuze personen. Scholieren denken ook steeds positiever over homoseksualiteit,” aldus het SCP.

Toch hebben veel Nederlanders nog altijd meer moeite met twee zoenende mannen of vrouwen op straat dan een man en een vrouw die zoenen. Daarbij zegt ruim een vijfde meer moeite te hebben met twee mannen die hand in hand lopen dan met een man en vrouw die dat doen. Groepen in de samenleving die het negatiefst denken over homo- en biseksualiteit zijn protestanten, leden van overige religies en allochtonen. “De verschillen tussen de bevolkingsgroepen zijn de afgelopen jaren wel kleiner geworden,” aldus de onderzoekers.

Belangenorganisatie COC Nederland staat ambivalent tegenover de acceptatiecijfers. “Het is gewoon hartstikke mooi dat zoveel mensen positief zijn, maar tegelijk zie je dat mensen er nog altijd moeite mee hebben als LHBTI’s zichtbaar zijn,” zegt voorzitter Tanja Ineke. Ze wijst er in dat verband op dat slechts 12 procent van de scholieren denkt dat je aan iedereen op school kunt vertellen dat je homo of lesbisch bent.

Minister Ingrid van Engelshoven (Emancipatie) ziet nog wel verbetermogelijkheden. “Het goede nieuws is als een dun laagje vernis. Daaronder zit de rauwe werkelijkheid dat mensen homoseksualiteit accepteren zolang het maar niet zichtbaar wordt. Zolang het achter gesloten deuren blijft. Blijkbaar mag je het wel zijn, maar mag je het niet zien!”

In Europa hebben bewoners in IJsland de meest positieve opvattingen over homoseksualiteit. Nederland staat op de tweede plek.

(foto en bron: ANP)

Print Friendly, PDF & Email