Dagblad070 | Code rood voor economie. Handen uit de mouwen!

Code rood voor economie. Handen uit de mouwen!

mainImage

Er is een beroemd essay genaamd ‘I, pencil’ (Ik, potlood). Het beschrijft wat er allemaal voor nodig is om een potlood te maken. Van de snijmachine tot de boot waarmee het wordt getransporteerd. Het essay betoogt hoe knap het is dat wij voor een habbekrats een potlood kunnen kopen.

Het laat echter ook zien hoezeer iedereen in onze samenleving met elkaar verbonden is. Dat betekent ook dat als er een bedrijf failliet gaat, de schade veel groter is dan alleen dat bedrijf en zijn werknemers. Ook toeleveraars worden geraakt, de vaak gebruikte lunchtent om de hoek, de supermarkt waar werknemers hun boodschappen doen, et cetera. Houd dit in gedachten en bedenk dan wat er gebeurde toen een groot deel van onze economie tot stilstand kwam door Corona. Toen viel er zoveel weg dat eigenlijk iedereen er door werd geraakt. En we hebben geen tijd om op te krabbelen want de volgende klappen komen eraan: bedrijven gaan failliet en landelijke steunmaatregelen lopen af.

In Den Haag is het daarom alarmfase rood. Onze economie ís namelijk al zwak. De werkloosheid is hoger en de groei lager dan in andere steden. Zelfs ten tijde van economische groei lukt het maar mondjesmaat het aantal bijstandsontvangers terug te dringen.

Dus: alle zeilen bijzetten! Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Door die verbondenheid is overheidsingrijpen complex. Je weet nooit van tevoren hoe het uitpakt. Gelukkig zijn er ook maatregelen die je ‘veilig’ kunt nemen:

Allereerst op korte termijn: stimuleer het toerisme. Den Haag is een mooie vakantiebestemming, zeker voor Nederlanders en Duitsers die het nu dichter bij huis zoeken. Den Haag is met zijn mooie stranden, historische centrum en uitgebreide cultuuraanbod dé plek waar je moet zijn. Ondernemers zijn er klaar voor om toeristen Corona-proof te ontvangen. De gemeente kan daarbij helpen door een reclamecampagne op te starten. Maar wel snel, want het is al zomer! In het algemeen geldt dat het economisch beleid op korte termijn een impuls nodig heeft gezien de huidige crisis. Zo kunnen we de economie een ‘kickstart’ geven.

Ten tweede moeten baan en werkzoekende beter op elkaar worden afgestemd. Nu is er, in jargon, een mismatch op de arbeidsmarkt. Aan de werknemerskant: onderwijs en gemeente kunnen nog meer doen om jongeren bewust te maken in welke sectoren er veel kans is op een goede baan. Aan de werkgeverskant: verleid bedrijven zich in Den Haag te vestigen, zoals de maakindustrie.

Ten derde heeft Den Haag veel goede plannen als het gaat om wonen, buitenruimte, bereikbaarheid en duurzaamheid. En daar is ook geld voor, onder meer door de verkoop van Eneco. Maar ‘van goede plannen kun je niet eten’. Van de uitvoering ervan wel. Dus: mouwen opstropen en schop in de grond. Zo bouwen we aan een stad die klaar is voor economische groei. Dat houdt mensen aan het werk en straalt vertrouwen uit naar private investeerders.

Kortom: op de korte termijn moet de gemeente inzetten op toerisme en intensiveren van economisch beleid. Op middellange termijn moet de gemeente gaan voor een betere match tussen baan en werkzoekende en al bestaande plannen sneller uitvoeren. Met deze maatregelen kunnen we economische krimp dempen en mensen aan het werk houden. Al weet je het – door die verbondenheid – nooit helemaal zeker. Maar ik durf het wel op te schrijven. Met potlood dan.