mainImage

Een Friend with benefits voor nieuwe natuur

18 september 2021, 13:30 uur
Columns

Na dertig jaar planmakerij is er nu eindelijk witte rook. Er komt een bestemming voor de Bonnenpolder, standplaats gemeente Rotterdam. Met de ingetekende natuur van 128 hectare groot in dit buitengebied van Hoek van Holland is een einde aan het bijkans eeuwige gemodder in deze polder nabij.

Toch? Er kleeft namelijk een niet te missen voorwaarde aan deze groene bestemming.

Een optimist ziet nieuwe natuur. Punt. Een pessimist ziet een grondgebonden business met natuur ter decoratie van het aan te bieden product. Dat is een graf op een natuurbegraafplaats.  

De 128 hectare aan natuur biedt kansen voor de ecologische waarde van de Bonnenpolder, en verder. Want het wordt onderdeel van Natuurnetwerk Nederland, beheerd door de provincie Zuid-Holland en bedoeld om natuurgebieden beter met elkaar te verbinden. Het open landschap van de Bonnenpolder is in potentie een goede leefomgeving voor weide- en akkervogels, waarvan de instandhouding in onze regio onder druk staat. De (nu nog) papieren belofte van kruidenrijke graslanden en andere habitattypen smaakt naar meer. 

Van de gemeente Rotterdam hoef je geen bemoeienis te verwachten. Die heeft met stichting Zuid-Hollands Landschap en Natuurbegraven Nederland – een bedrijf – twee private organisaties aangetrokken om de boel in de Bonnenpolder te bestieren. Door middel van een kale overeenkomst zonder randvoorwaarden met deze partijen heeft het college zich laten uitkopen. Zich van haar publieke taak verschoond. De markt gaat het doen. 

Ja, minder kopzorgen maar ook minder te zeggen. Het mes snijdt aan twee kanten. Dat bleek al uit de bespreking in de gemeenteraad van het bestemmingsplan Oranjebonnen, waar de Bonnenpolder onderdeel van is. De kwaliteit van de natuur wordt niet door de gemeente maar door de provincie, getoetst, om zo na te gaan of de subsidie voor natuurbehoud nog wel gerechtvaardigd is. Voor de Rotterdamse gemeenteraad is dit allemaal niet te controleren. En het college ziet geen mogelijkheid voor een verbod op zogenoemd faunabeheer (lees: jacht) op de natuurbegraafplaats en de belendende percelen. ’t Is immers privaat terrein.

Schietpartijen organiseren op een begraafplaats. De jagerslobby heeft de gemeenteraad al gevonden, zo bleek uit voornoemde bespreking. Die gaat over lijken om maar te kunnen knallen. Het college staat erbij en kijkt ernaar, straks. Die heeft het allemaal uit handen gegeven.

Uit navraag van de Partij voor de Dieren blijkt dat het zélf ter hand nemen van natuur in de Bonnenpolder zo’n zeven miljoen euro kost. Dat lijkt misschien veel geld, maar is het niet. Voor de gemiddelde doorsnee woonwijk legt het college al snel miljoenen bij, omwille van het ‘algemeen belang’. Blijkbaar geldt dat niet voor natuur. Het stadsbestuur heeft welgeteld nul euro over voor een levensader van ons allemaal.    

Was het niet de wethouder buitenruimte der stad Rotterdam die eerder dit jaar nog zei: “Zonder biodiversiteit geen leven”? Zóveel is dat leven dus waard. Onder het huidige neoliberale gesternte kun je bijna ook niet anders verwachten. Natuur krijg je tegenwoordig alleen van een friend with benefits, een marktpartij die het natuurbegraven als lucratief zakendoen ziet.     

Dat moet anders. Natuur mag gewoon op de balans. Het is van de gemeenschap. Zonder géén leven.