Dagblad070 | Het eenzame kind uit Indië

Het eenzame kind uit Indië

mainImage

Wanneer u door de Delistraat loopt, hoeft u van mij niet aan Deli te denken, hoewel er genoeg is gebeurd dat aandacht verdient, maar daar gaat het nu niet over. Wel over het pension dat er eens was gevestigd. Daar woonden kinderen uit Indië, die hier waren voor hun opvoeding.

Ooit was het een smalle straat, schrijft Nannie van Wehl in haar roman Do en Lo Verster. Dat boek verschijnt in 1919, dus het gaat over de periode ervoor, ook voor die eerste oorlog, over de tijd dat er tussen Indië en Nederland snelle motorschepen meer mensen vervoerden. Ook kinderen. Hier moesten ze naar school, dat leek beter te zijn voor hun opvoeding en ontwikkeling. Alsof Indië zelf geen scholen had.

Maar een school in Nederland, dat vonden veel ouders toch béter. Zo kwamen de kindertjes in Den Haag, soms bij familie, soms in een pension 'van de eenzame kinderen', zoals het verdienmodel van de hospita heet: Het zijn meest kinderen van menschen, die hun betrekking in Indië hebben en daardoor hen niet genoeg kunnen laten leeren. Dan maar naar Holland!

En dan meestentijds naar den Haag, omdat Indische menschen, die met verlof komen, het liefst in den Haag zijn en dus het meest van den Haag weten.

En zoo treft men massa's van die kinderen in den Haag aan, en menige weduwe leeft er bepaald van, en menig gezin ziet zijn inkomen zeer verhoogen; want de meeste vaders van die vooruitgestuurde of achtergelaten kinderen kunnen zeer hoog kostgeld betalen en doen dat ook gaarne, als ze maar weten, dat hun kinderen 't goed hebben.

Dit soort tehuizen waren feitelijk de voorlopers van de contractpensions, maar dan voor kinderen. Ze arriveerden als kind of tieners en werden overgeleverd aan de macht van de hospita. Jeugdzorg en bureaucratische terreur bestond destijds niet, je moest het treffen. Do en Lo Verster troffen het uiteraard, want Nannie van Wehl schreef feel good boeken voor een breed publiek; verhalen over seksueel misbruik verkochten niet zo goed.

Kwamen die kinderen terug bij het gezin in Indië, dan waren ze verhollandst. De eenzaamheid herhaalde zich: niet meer hier thuishoren, niet meer daar, en weer degene zijn die anders is. En hun ouders hadden zulke goede bedoelingen gehad, dus daar kunt u aan denken in de Delistraat, dat goede bedoelingen veel ellende kunnen veroorzaken. Het spijt me dat u deze deprimerende gedachte moet lezen, al het is wáár.

www.kolonialezaken.nl