Dagblad070 | Over Indische vertellers (en zwijgen)
mainImage

Over Indische vertellers (en zwijgen)

23 september 2021, 23:23 uur
Columns

Een week of wat geleden hoorde ik iemand weer mopperen over de zwijgende Indische familie, en van de weeromstuit moest ik even zwijgen. Dat kwam omdat ik veel Indische vertellers ken. Je vraagt iets simpels en een uur later luister je nóg.

En met genoegen.

Nu is er een verschil tussen waar iemand over vertelt en waar iemand over zwijgt. Soms staat er een hekje om dat zwijgen, dan weet iedereen: niet naar vragen. Zwijgen is een keuze. Vertellen is een talent. En juist aan dat talent zijn veel Indische families, veel families uit Indië, rijk. Ik herinner me zitten naast iemand op een soos of in een bejaardentehuis en gewoon zitten en luisteren. Ook heb ik enkele ochtenden naast de kassa van Oom Go gezeten, in zijn toko te Den Haag, smekend of ik hem mocht interviewen. Af en toe vertelde hij wat. Het krukje was te laag, te klein en gemaakt van keihard plastic, en de pijn die het naliet voelde ik bij de eerste stap buiten zijn toko.

Bij Paatje Phefferkorn mocht ik destijds aan huis komen, en daar luisterde ik ademloos naar zijn levensverhaal.

Via de Indische schrijfschool krijg ik nogal eens wat te lezen van mensen. Wat valt op: degenen die denken dat ik ze meteen doorstuur naar een uitgever, schrijven meestal niet zo sprankelend. Maar degenen die oprecht twijfelen en mij smeken eerlijk te zeggen als het niks is... Ik heb al ettelijke keren sprakeloos voor mijn laptop gezeten. Levend Nederlands, meeslepende vertelstem ik beleefde het mee.

Je ziet het talent ook in Wies van Groningen. Ze is negentigplus en publiceerde recent Vertellingen uit een koloniaal verleden. Op de voorkant een foto van Clara Hukom, haar moeder.  Dat woord: koloniaal. Het is bijna een verboden woord tegenwoordig maar bij Wies is het een toegang tot een eens bestaande wereld. Daarin leefden mensen, meer of minder gelukkig, zoals zij toen leefden. Wies is ook een vertelster, evenals haar voormoeder Louisa dat was. Louisa verschijnt als naaister in het werk van Maria Dermoût. Eerst kende ik Louisa en toen ik erna Wies hoorde praten, voorlezen en vertellen, begreep ik het talent. Dat ietwat zangerige, dat aandacht afdwingende, waardoor je voelt: dit is belangrijk, ik wil luisteren, lezen, ga door, ga door.

Het boek van Wies bevestigt het weer. Zwijgen is een keuze. Maar dat vertellen in de Indische cultuur, wat is dat rijk en mooi.