Wie was de beroemdste scheidsrechter van Indië? Max Foltynski (1887-1979) natuurlijk, destijds kende iedereen zijn naam. In 1928 noemde het Bataviaasch nieuwsblad hem 'den bekenden Bandoengschen fluitist, volgens velen de beste referee van Indië'.
Het gaat over voetbal. Dat is iets ver buiten mijn wereld, behalve als het om Indië gaat. En dat 1928 viel me op: het jaar waarin de Olympische Spelen in Amsterdam waren. Max Foltynski was erbij, namens Indië.
Over de Olympische Spelen schrijven de kranten volop. Max Foltynski treedt er een aantal keren aan, wat zijn naam elke keer in de kolommem brengt. Dan gaat hij terug naar Indie met 'een schat van lectuur en herinneringen' zoals het later heet. Maar die zijn verloren gegaan, tenminste, ik vond geen gepubliceerde memoires van hem. Misschien dacht hij wel: "Ach, wie heeft daar nu interesse voor.'
De enige keer dat hij echt spraakzaam is, vond ik in het boek '40 jaar voetbal in Ned.Indie 1894-1934 (uitg. W. Beretty, Soekaboemi) Hij vertelt in mei 1912 zijn eerste wedstrijd te hebben gefloten, tijdens een schoolcompetitie van de Willem III school. Zonder fluit, die had hij nog niet. Het ging goed. Na zelfstudie en hulp van een mentor liet hij zich inschrijven als scheidsrechter bij de (Bataviasche Voetbal Bond:
'Ik heb plus minus twee jaar in de lagere klassen vertoefd; in 1915 werd ik in de eerste klasse ingedeeld, voorloopig voor de gemakkelijkste wedstrijden, totdat door bijzondere omstandigheden mij de leiding werd opgedragen van de finale om den Eau de Louvainbeker, welke eindstrijd ging tusschen de vereenigingen Hercules en Oliveo in den Planten- en Dierentuin. [...]
Mijn eersten officieelen stedenwedstrijd leidde ik in 1921 te Semarang en met uitzondering van de jaren 1924 (niet gekozen) en 1928 (met Europeesch verlof) ben ik daarna geregeld als scheidsrechter bij de kampioenswedstrijden opgetreden en ik moet zeggen, dat ik dat steeds met het grootste genoegen heb gedaan en daaraan ook de meest prettige herinneringen bewaard heb.'
Woorden waar je naar blijft kijken terwijl de vragen opkomen: Bataviasche Voetbal Bond: wat een archief moet dat zijn. IInlandsche competitiewedstrijden: wie speelden er, kon een voetballer doorstromen naar de Europese competitie? Stedenwedstrijden: wie tegen wie en liep het toen ook zo uit de hand als nu?
In het Algemeen handelsblad voor Nederlandsch-Indië vond ik een verslag van de stedenwedstrijd Batavia-Bandoeng, in 1926.
Batavia speelt uit, reist per trein en wordt 'begeleid door ongeveer 30 supporters', schrijft de krant. Dus niks legioenen supporters, nul harde kern en ook al geen zware politiemacht. Wie zijn die mensen toch, die 'zeer veel publiek' tot juichen brachten? De verslaggever noteert: 'Eerst treden onze jongens, in zwarte broek en wit shirt, binnen de lijnen. Applaus! Dan komt de Bandoengploeg (in witte broek en rood shirt) onder daverend gejuich in het veld.'
EIk verklap het meteen: een spannende wedstrijd en dan 'komt het eindfluitje, Batavia een alleszins verdiende overwinning brengend.' Dat eindfluitje: 'Max Foltynski floot deze spannende en door het zich snel verplaatsende spel lastig te leiden match naar behooren.'
En ook hierna ging iedereen braaf naar huis, of naar het Preanger-hotel waar de Bandoengse spelers logeerden, hopelijk om een beetje troost te brengen.
Als ik zoiets lees, borrelt de nieuwsgierigheid in me op naar die grote voetbalwereld van Indië. De bekende namen van toen hoefden nergens toegelicht te worden, maar nu weten we niet meer wie wie was. Zo gaat dat. Alleen schrijven is blijven.
https://www.indischeschrijfschool.nl