mainImage

Zij waren KNIL

30 juli 2022, 21:01 uur
Columns

We leven in het grote excuus-tijdperk, en een excuus staat goed, vooral wanneer het afkomstig is van de Nederlandse regering en verder geen consequenties heeft. Een excuus is minder waard, ook hier slaat de inflatie toe. Dus dan is het zaak erbij te zijn voordat de waarde gezakt is tot minder dan nul. Ik weet nog wel een groep. De militairen van het KNIL.

De opheffing van het KNIL lijkt een feit uit de natuur te zijn. Eerst heb je zomer, dan winter. Eb en daarna vloed. Een koloniaal leger en dan de opheffing in juli 150.

Het was een menselijk drama.

Dat wil zeggen: voor alle militairen die het KNIL vormden.

Toen in 1949 het besluit van opheffing viel, wisten de meesten niet waar ze heen moesten, wat hun toekomst zou zijn, of ze een besluit konden nemen en zo ja wat de opties waren. Wat kon je verwachten van deze overheid, terwijl jouw familie generaties lang was geworteld in Indië? Terwijl je - en andere familieleden - trouw hadden beloofd aan vorst en vaderland, en er ook namen genoemd konden worden, die als uiterste consequentie daarvan waren gesneuveld?

Het was afwachten.

Duidelijk werd: binnen een half jaar moest iedereen een 'functie elders' hebben. Of vaarwel gezegd hebben tegen het bestaan als militair.

Elke keer als ik erover lees, begrijp ik het minder. Waarom er zo gesold werd met al die mensen. De Molukse militairen, die nog de moed hadden om over hun onrechtvaardige behandeling een proces aan te spannen tegen de staat der Nederlanden. Ze wonnen, maar de rest van de geschiedenis laat een treurig verloop zien. De Indonesische militairen, die maar een plaats moesten zien te vinden in de gelederen van de voormalige vijand. Hoe ze daar ontvangen zijn, is nauwelijks bekend. De Indische militairen, die als 'tropische Nederlander' vooral aangeraden werd daar te blijven, ondanks het Nederlands paspoort. De Hollandse militair die dan wel naar de Koninklijke Landmacht mocht, maar vaak een rang lager kreeg, met alle financiële gevolgen van dien. Zo waren er ook andere groepen.

Indië was weer eens ver weg van het ambtelijke Den Haag, dat min of meer dit leger ophief alsof het een overbodig postkantoor was. Er kwamen commissies, nota's, regelingen en overlegorganen, koningin Juliana hield een optimistische toespraak en het leek of veel, zo niet alles, voor iedereen uitstekend was geregeld.

Die gedachte doet pijn aan mijn hart, en mijn hart is niet het enige dat daardoor pijn lijdt.