Hart voor Den Haag wil dat de gemeente samen met scholen, ouders en leerlingen gericht optreedt tegen racistische bejegening op Haagse scholen. De partij vraagt om directe maatregelen, betere signalering en een veilige omgeving voor met name Surinaams‑Hindoestaanse leerlingen.
De racistische bejegening waar Surinaams‑Hindoestaanse leerlingen mee te maken hebben, gaat volgens gemeenteraadslid Mairan Sewtahal veel verder dan 'pesten'. "Termen als koelie en kech hebben een vernederende, historisch beladen en racistische betekenis. Ouders geven aan dat hun kinderen zich onveilig voelen en soms zelfs niet meer naar school durven."
Sewtahal vindt dat de gemeente dit niet kan laten voortduren. "Geen enkel kind mag naar school gaan met het gevoel dat het vanwege zijn afkomst wordt vernederd. Dit moet nú worden aangepakt. Discriminatie moet zichtbaar worden bestreden, niet alleen in beleid maar in het dagelijks leven van Haagse kinderen." Het raadslid roept het college op om met scholen, ouders en leerlingen in gesprek te gaan, de signalering te verbeteren en gerichte maatregelen te nemen om racistische bejegening actief tegen te gaan.
Discriminatie hoog, meldingen laag
Uit een recente voortgangsrapportage blijkt dat bijna één op de drie Hagenaars discriminatie ervaart, maar slechts twee procent dit meldt bij Discriminatie.nl. Veel inwoners geven aan dat melden “toch niets oplevert”, waardoor de gemeente cruciale informatie mist over wat er daadwerkelijk speelt in de stad.
Hart voor Den Haag wil dat de gemeente de meldingsbereidheid verhoogt, de ontbrekende evaluatie van Discriminatie.nl alsnog uitvoert, en zichtbare resultaten laat zien zodat inwoners merken dat melden wél zin heeft. Mairan Sewtahal: "Als discriminatie overal wordt gevoeld maar bijna nergens wordt gemeld, dan heeft de stad een blinde vlek. Dat moet doorbroken worden."