Oplossen parkeerdruk blijft lastige opgave

5 March 2020, 13:47 uur
Politiek
mainImage

De parkeerdruk in Den Haag blijft het college bezighouden. De druk op de P+R terreinen blijft in sommige gevallen erg hoog, de interesse in het gebruik van parkeerterreinen bij kantoor blijkt vooralsnog erg gering, bij nieuwbouwprojecten mag de parkeerdruk op straat niet hoger worden en in Haagse wijken wordt het college in toenemende mate geconfronteerd met de onmogelijkheid aan de groeiende vraag aan parkeerplaatsen tegemoet te kunnen komen. 

Bij P+R terreinen is, zo antwoord het college de fractie van Hart voor Den Haag/Groep de Mos, inderdaad sprake van oneigenlijk gebruik door automobilisten. Het college zoekt naar mogelijkheden om dat gebruik terug te dringen, en 'daarbij het is gebruik van de OV-kaart een van de mogelijkheden'.

Een mogelijke oplossing voor de parkeerdruk in de stad leek het gebruik van private parkeervoorzieningen. Leek, want dergelijke initiatieven veronderstellen dat bewoners iedere ochtend de auto daadwerkelijk van de voorziening halen zodat zogenoemde daggebruikers geen hinder ervaren. "Maar in de praktijk blijkt dit soms lastig te zijn" zo laat het college raadslid Meinesz qweten. Het stelt dat er bijvoorbeeld 'momenteel wordt gewerkt aan het faciliteren van parkeren op afstand, waarbij de parkeergarage bij het World Forum beschikbaar wordt gesteld voor bewoners in de omliggende buurten'. 

Bij nieuwbouwprojecten hanteert het college de norm dat de parkeerdruk op straat niet hoger mag worden. Hier kan de parkeernorm vervangen worden door een gebiedsgerichte mobiliteitsnorm, zo stelt het college. Daarbij heeft de ontwikkelaar de ruimte om deze met (deel)auto’s en -fietsen en OV-arrangementen in te vullen. "We steunen dan ook initiatieven zoals de leefstraten en deelauto’s”, staat al in het collegeakkoord.

Door bij grote gebiedsontwikkelingen in het CID en in de Binckhorst OV georiënteerd te bouwen, wordt de openbare ruimte efficiënter gebruikt met een prioriteit voor voetgangers, fietsers en verblijfskwaliteit, zo stelt het college in zijn antwoorden aan Meinesz. Een precieze inschatting van het aantal projecten en parkeerplaatsen is niet beschikbaar en is afhankelijk van de ingediende plannen en de uiteindelijke uitwerking daarvan antwoordt het hem.