Nadat bekend werd dat Henk Harms is voorgedragen als wethouder namens Hart voor Den Haag, spreekt de oppositie in de Haagse gemeenteraad zich daar fel tegen uit.
Harms werkte tot 2020 op het Haagse stadhuis als directeur van de dienst Stedelijke Ontwikkeling. Hij vertrok destijds na een integriteitsonderzoek binnen de gemeente. Volgens de uitkomsten daarvan zou hij bij de bouw van cultuurcomplex Amare 'niet transparant' hebben gehandeld. Harms ontkende die beschuldigingen.
D66, PRO Den Haag, Partij voor de Dieren, SP, Volt en ChristenUnie/SGP noemen het "problematisch" dat Harms wordt voorgedragen als wethouder van Gebiedsontwikkeling en Ruimtelijke Ontwikkeling. "Eerder moest hij juist op dit beleidsterrein vertrekken wegens schending van de gedragscode. Hij paste achteraf verslagen aan, wilde zonder deugdelijke grondslag geld overmaken aan een bouwer – zonder het college hierover te informeren of om toestemming te vragen – en onderhield veel te nauwe contacten met bouwers", klagen de partijen.
De oppositiepartijen wijzen er bovendien op dat Hart voor Den Haag destijds zelf aangifte deed tegen Harms. "Inwoners moeten erop kunnen vertrouwen dat bestuurders zorgvuldig, transparant en onafhankelijk handelen. Het is daarom onbegrijpelijk dat hij nu wordt voorgedragen als wethouder. Integriteit is de basisvoorwaarde voor goed bestuur." De partijen roepen de coalitie op om met een andere kandidaat te komen.
Geen bezwaren
Henk Harms zelf reageert kort op de ontstane commotie. Hij wijst erop dat hem een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) is verleend en dat de gemeentelijke screeningscommissie ook geen bezwaren had tegen zijn benoeming.
Op woensdag 15 juli debatteert de Haagse gemeenteraad over het coalitieakkoord van Hart voor Den Haag, VVD, DENK en CDA. Een dag later neemt de gemeenteraad afscheid van het huidige college, waarna aansluitend het nieuwe college wordt beëdigd.